![]() |
17 OKTOBER 2005 – EEN UITZONDERLIJKE DAG VOOR DE TREK VAN KRAANVOGELS, Grus grus, IN DE NIÈVRE |
|
INLEIDING |
Het Franse département van de Nièvre, zeer goed gelegen op de trekroute der kraanvogels, ziet jaarlijks gemiddeld 60 % van de door Frankrijk trekkende populatie passeren. De rivier De Loire, waarlangs het merendeel van de populatie uit de Nièvre geconcentreerd is, stroomt bijna dwars door deze trekroute
De zeventiende oktober 2005 heeft in de Nièvre een uitzonderlijke doortrek van kraanvogels plaatsgevonden, vooral wat betreft de omvang en de vroegte in het seizoen. Deze notitie heeft ten doel de gebeurtenis te relateren aan en te plaatsen in een algemener verband. |
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
DE DOORTREK IN CIJFERS |
Door 49 verschillende waarnemers zijn in totaal 297
gegevens ingezonden. Het eerste werk bestond uit het weglaten van alle
gegevens die kennelijk een dubbeltelling zouden opleveren; zo werden meer
speciaal voor de samenstelling van het cijfermatig overzicht de gegevens uit
Clamecy en Châteauneuf-Val-de-Bargis niet opgenomen, aangezien deze steden
ver voor de mogelijke barrière van de Loire liggen, midden in de voornaamste
trekroute zodat de vogels zeer waarschijnlijk later opnieuw gezien zijn (en
nog dient men misschien bij zichzelf te rade te gaan – zie Discussie). De
overgebleven gegevens zijn vervolgens nauwkeurig geanalyseerd en volgens
verschillende normen verdeeld. De precieze en betrouwbare gegevens (met tijd
tot op de minuut, exacte plaats, totaal vlucht voor vlucht geteld, enz.)
hebben het minimumtotaal opgeleverd (zie tabel). In voorkomende gevallen
hebben we aan dit totaal de minder exacte gegevens toegevoegd, voor zover ze
geen verdubbeling zouden opleveren (waarnemingsplaats afgelegen van de
hoofdroute, hetgeen dubbeltelling onwaarschijnlijk maakt, hoewel dat niet
geheel kan worden uitgesloten, enz.) om zo tot het totale maximum te komen.
Het spreekt van zelf dat dit laatste aantal toch niet als een volstrekt
maximum beschouwd zal mogen worden, want dat moet veronderstellen dat ook
werkelijk alle vluchten van kraanvogels gezien zouden zijn! Niettemin,
marges van vergissing bij het schatten in aanmerking genomen, gaat het
ondanks alles om een goede indicatie van het maximum.
Het becijferde totaal is indrukwekkend: men bedenke dat tussen
44000 en 51000 kraanvogels door de Nièvre zijn getrokken op die ene dag
van 17 oktober 2005! |
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
TIJDSTIP EN PLAATS VAN DE DOORTREK |
De eerste vluchten werden al vrij vroeg in de ochtend
waargenomen: 370 kraanvogels, over 7 vluchten verdeeld, staken de Loire over
tussen 9.30 en 10.30 uur, tussen La Charité-sur-Loire en Marzy. Het is
onwaarschijnlijk dat het hier gaat om kraanvogels die in Lac du Der een stop
hebben gemaakt, want dat veronderstelt een vertrek bijna twee uur voor het
aanbreken van de dag. Het gaat daarom zeer waarschijnlijk om vogels die
rechtstreeks uit Duitsland kwamen; men kan dus gerust aannemen dat er
eveneens nachtelijke vluchten boven ons département hebben plaatsgevonden
tussen middernacht en 7.30 uur. Vervolgens is er een aparte doorkomst gezien tegen de middag in Tintury, richting Decize. Dan begint het langstrekken van de kraanvogels echt goed op gang te komen om twaalf uur in Clamecy, voordat de eerste groep boven de Loire wordt waargenomen om 13.44 te Germigny-sur-Loire. Kaart 3 geeft een indruk van in de tekst genoemde plaatsen, alsook van de trekrichting op het moment dat de Loire wordt overgestoken.. ![]() De voornaamste trekroute is niet meer dan 10 kM breed, tussen Cours-les-Barres en de mond of monding (=Bec) van de Allier, waar deze rivier bij Marzy in de Loire stroomt. Daar zijn in 103 vluchten 24.776 kraanvogels gestaffeld, ofwel 53% van het dagtotaal. Twee waarnemers, Estelle Champagnat te Cours les Barres en ikzelf in Marzy hebben er daarvan 23.188 geteld tussen 13.56 uur en 18.03 uur. We waren soms telefonisch in contact om zeker te zijn dat we niet allebei de zelfde vlucht zouden tellen, wetend dat dit voor groepen tussen ons in met de kijker wel zou kunnen. Over het algemeen is het echter geen probleem geweest onze vluchten te scheiden, zo druk waren we allebei met tellen wat boven ons hoofd voorbijtrok. Het is zeer waarschijnlijk dit geheel van zo’n 25000 kraanvogels dat vervolgens werd waargenomen ter hoogte van het Forêt de Tronçais, département de l’Allier, 50 kM verder naar het zuidwesten (info Réseau Grues France). In de loop van de namiddag verplaatsen de vluchten zich geleidelijk aan van noord naar zuid, waarbij de strook Cours-les-Barres / Marzy de hoofdlijn blijft. Zo is het leeuwendeel van de vluchten die de Loire zijn overgestoken ter hoogte van het Réserve Naturelle du Val de Loire tussen Pouilly-sur-Loire en La Charité-sur-Loire daar gepasseerd tussen 14.00 en 16.30 uur. Enkele gegevens van deze sector werden in de loop van de namiddag afgerond, hetgeen deze inventarisatie waarschijnlijk minder nauwkeurig maakt. Te Nevers strekte de oversteek zich uit tussen 14.00 en 18.00 uur, met een piek tussen 15.30 uur en 16.00 uur. Nog meer naar het zuiden, tussen Imphy en Decize, is de doorkomst pas om 16.30 uur begonnen en alweer om 18.30 opgehouden. In deze sector, waar de populatiedichtheid geringer is, werd de doorkomst waarschijnlijk minder nauwkeurig gequantificeerd, met uitzondering van de plaats Aubigny, waar Jean-Christophe Sautour op nauwkeurige wijze 6170 kraanvogels in 46 vluchten telde. Het noordwesten van het département werd dus nauwelijks overvlogen, met uitzondering van een vlucht in de ochtend in tegenstelling tot wat men soms kan zien. Het druk bezochte deel van de controlestrook was deze zeventiende oktober niet meer dan 70 kilometer en omvatte de zuidelijke twee derden van het département van de Nièvre. De noordnoordoostelijke wind die deze dag woei is daarvan zeker de oorzaak. |
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| De chronologie (zie grafiek) toont een maximale doorkomst
tussen 15.15 uur en 17.15 uur met 31.816 kraanvogels, dus 67% van het
dagtotaal. Er zijn tot vijfmaal toe meer dan 3500 kraanvogels per kwartier
boven de Loire geweest! De laatste vluchten werden genoteerd voor zeven uur
’s avonds, hetgeen veertig minuten voor het duister is; men zou dus kunnen
menen dat de doorkomst om 19.00 uur werkelijk ten einde was.
De overwinteringsplaatsen werden gedurende deze trekgolf druk bezocht. |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
DISCUSSIE |
Om punten van vergelijking te geven: er zijn op een enkele
dag evenveel kraanvogels door de Nièvre getrokken als in het gehele najaar
van 1998 of 2001! De kraanvogels houden niet op in ons département records
te breken: het record van 15 oktober 2003 met 24600 kraanvogels is
verpulverd en dat van 5 november 2004 met ongeveer 45000 kraanvogels is ook
gebroken. De opkomst van zeer grote trekdagen is echt een recent
verschijnsel dat ten dele voortvloeit uit de groeiende West-Europese
populatie. Maar er lijkt zich eveneens een verandering in het gedrag van de
kraanvogels voor te doen. Feitelijk waren de golven van doortrek half
oktober meestal nachtelijk. Tegenwoordig lijkt het er dus op dat een grote
meerderheid van de kraanvogels in het noordoosten van Frankrijk, en wel
voornamelijk bij Lac du Der, een tussenstop maakt, al is het maar voor
enkele uren of een halve dag. Dat is dan ook wat er gebeurde op die maandag
17 oktober 2005: ten minste 64000 kraanvogels zijn de avond te voren en nog
een dag eerder doorgekomen langs een enkele post in Hessen, Duitsland en
zijn ’s nachts bij Der gestopt. Zij moeten de regio Champagne-Ardenne
massaal hebben verlaten tussen 11 en 13 uur, hetgeen wel wordt bevestigd
door de duizenden actief trekkende kraanvogels aan het eind van de ochtend,
meer naar het zuidwesten ter hoogte van de meren bij het Forêt d’Orient
(Aube). Ongelukkigerwijs is er geen enkel gegeven dat de omvang van deze
bewegingen voor hun aankomst boven het département van de Nièvre kan
preciseren. Bij een dergelijke golf van doortrekkers is het evenzeer legitiem om zich vragen te stellen aangaande precisie van de inventarisaties. In verband met afmetingen van de vluchten en per waarnemer zijn zowel overschattingen als onderschatting onvermijdelijk, zelfs voor ervaren waarnemers. Toen ik vanaf 15 uur moest vaststellen door de omvang van de doortrek te worden overweldigd, heb ik systematisch elke opeenvolgende vlucht gefotografeerd, vervolgens heb ik in de spaarzame vrije momenten die vluchten op zicht geschat om zo mijn schattingen te kunnen ijken – wat ik voortaan jaarlijks doe. Tellingen op de 36 genomen foto’s maken vervolgens vergelijking mogelijk. Ook andere waarnemers hebben dit in het verleden gedaan. Over het algemeen zijn de totalen zeer goed geschat zolang het minder dan 400 kraanvogels betreft; zelfs bij snelle grove schattingen is de foutenmarge minder dan 10%. Als de vluchten vogel voor vogel geteld kunnen worden, wat bij minder dan 200 kraanvogels het geval is, blijven fouten binnen de perken: minder dan 3%. Daarentegen, voor vluchten met een totaal van meer dan 500 kraanvogels was mijn foutmarge een onderschatting in de orde van grootte van 20%, wat driemaal is voorgekomen, namelijk met groepen van respectievelijk 792, 890 en 990 kraanvogels. Het probleem wordt duidelijk groter als de vogels in caroussel vliegen. Fotografie toont zich in dat geval een uiterst nuttig hulpmiddel; zo werd trouwens ook de ongelooflijke vlucht van 2255 kraanvogels geteld, die op 09/11/2004 om 14.17 uur drie minuten lang boven de huizen van Marzy een buitengewone sfeer heeft geschapen. Men kan zich goed voorstellen dat andere waarnemers een fout in de zelfde orde van grootte andersom hebben gemaakt, door het totaal flink te overschatten. Niettemin toont de verdeling van grootteklassen in grafiek 2 (een overzicht van 183 nauwkeurige waarnemingen met totaal 34.804 kraanvogels) dat 72,6% van de vluchten een aantal van minder dan 200 individuen elk omvatte en 40% bevatte zelfs minder dan 100 vogels. De verdeling in grootteklassen volgens het overzicht van Clamecy (67 gegevens, 10.265 kraanvogels) is min of meer identiek. Grote fouten kunnen dus slechts optreden bij een beperkt aantal vluchten (11) die in drie gevallen door fotografie gecorrigeerd konden worden. De kans op fouten in de inventaris van 47.000 kraanvogels wordt dan ook logischerwijze gesteld op minder dan 10%, vandaar de marge in het cijfermatig overzicht.
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Blijft over dat het merendeel van de waarnemers in de Nièvre, waarvan ik deel uitmaak, de natuurlijke neiging hebben om grote vluchten eerder te onderschatten dan te overschatten en men kan zich dus voorstellen dat het werkelijke totaal van die zeventiende oktober de 50.000 kraanvogels passeert. Trouwens, de gegevens van Clamecy (10.265 kraanvogels geteld door Lucien ANGERAND) of van Châteauneuf-Val-de-Bargis (12.000 ktraanvogels geschat door Romuald HESLOT), die zeer nuttig zijn om begrip van de trekrichting aan te ontlenen, zijn niet in de balans opgenomen vanwege de grote afstand tot de Loire. Zo werd de eerste vlucht van 200 vogels om 12 uur te Clamecy, alhoewel niet in het balanstotaal opgenomen, daarna waarschijnlijk niet meer gezien; dat zou namelijk veronderstellen dat de 60 kM naar de Loire ter hoogte van Germigny met een gemiddelde snelheid van 34 kM/u moeten zijn afgelegd, wat gezien de weersomstandigheden te weinig geacht moet worden. Evenzeer kan men zich afvragen welke trekrichting de 12.000 kraanvogels van Châteauneuf-Val-de-Bargis werkelijk hebben gekozen: het is waarschijnlijk dat ze ook bij Cours-les-Barres zijn overgestoken zoals uit de verschuiving naar het zuiden zou kunnen worden afgeleid (dan kloppen de gegevens) maar men kan evenmin uitsluiten dat deze vogels of een deel ervan zijn overgestoken in een gebied met weinig waarnemers, bijvoorbeeld tussen La Charité-sur-Loire en Germigny-sur-Loire. Men ziet dus: de balans van 47.000 kraanvogels maakt weinig kans een overschatting te zijn. | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
CONCLUSIE |
De verdeling van waarnemers in de Nièvre met betrekking tot
de trekroute van kraanvogels maakt het goed mogelijk een groot gedeelte van
de najaarstrek van deze soort te ontdekken, vooral dankzij de bevoorrechte
positie ten opzichte van Lac du Der en de welgestructureerde organisatie van
Réseau Grues France. |
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
DANK |
aan alle waarnemers die hun gegevens hebben verstrekt aan
het Franse Kraanvogel-Netwerk: ANGERAND Julien, ANGLARET Bernard, BACOT
Hugues, BARBIN Marie-Hélène, BARGE Christophe, BARGE Véronique, BAYLE
Arnaud, BOLNOT Yves, BOUDEAU Evelyne, CHAMPAGNAT Estelle, CHEVAU Gérard,
COMTE Christophe, CONTANT Pascal, COQUERY Stéphane, COQUILLAT Jean, DEVIENNE
Gilles, ETTORI Gérard, FRANCK Danièle, GACON Sylvie, GENOUX Liliane, GIRANDE
Jean-Claude, GUEGAN Brigitte, GUENY Michel, GUISCHER Valérie, HERENT
Jacqueline, HESLOT Romuald, IMBOURG Maïrik, JOST Jean-Paul, JULLIARD
Christian, KOCKELKOREN Annie, LACROIX Marc, LALEURE Jean-Claude, LALEURE
Nicolas, LEBRETON Stéphane, LECLAND Marcel, MERLE Emmanuelle, PY Jean, PY
Nicole, ROUGIER Michel, ROY Jean-Michel, RYF Irene, SABLAYROLLES Jean-Noël,
SAUTOUR Jean-Christophe, SIGNORET Lucienne, TAIEB Franck, VIDEUX
Jean-Claude, VIEUX Christian en aan Francis DESJARDINS & Emmanuel LE ROY (LPO Champagne Ardenne) De vertaler dankt zijn vrouw Inge voor het kritisch doornemen en corrigeren van een eerdere versie. |
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Sébastien Merle (vertaling Lucas BAUER)
Ref/ |